vrijdag 10 oktober 2014

De fietsroute naar het centrum is mooi en gelegen langs een riviertje. Onderweg zien we veel wandelaars. Blijkbaar is wandelen een favoriete bezigheid voor  Spanjaarden.
Eenmaal aangekomen in het centrum staat de kathedraal in het zonlicht te gloren. We gaan onder de prachtige poort “Arco de Santa Maria” door. Het is een poort versierd met beelden van belangrijke mensen uit het verre verleden van de stad Burgos. Burgos was in de 12e, 13e en 14e eeuw de hoofdstad van Spanje.
 Vlak bij de fietsenstalling rust een man uit op een bank. Deze man heeft de route naar Santiago de Compostela al gelopen want hij draagt de schelp. Wim probeert hem wat op te peppen!
De kathedraal ziet er imposant uit. Hij ziet er ook heel schoon uit.  Later lezen we op een bord dat de laatste restauratie in 2012 is voltooid.
Wij hebben al heel wat mooie kerken en kathedralen gezien maar hier is wel heel veel moois bij elkaar gebracht. Alles ziet er schitterend uit.
De bouw van de kathedraal is gestart in 1221 door bisschop Mauricio. De kerk is 84 bij 59 meter en daarmee de op een na grootste kathedraal van Spanje. Ze oogt gigantisch en werd in drie eeuwen  in verschillende fasen gebouwd door tal van grote Europese kunstenaars en architecten. Dankzij de audioguide die je bij de ingang mee krijgt kom je veel te weten over de verschillende altaren, beelden enz.

 De kathedraal bestaat eigenlijk uit een aantal aparte kapellen en iedere kapel heeft zijn eigen prachtige altaar, priesterkoor, beelden en schilderijen die vaak afkomstig zijn van kloosters.  De kapellen hebben een eigen bouwstijl  met een  koepel die weer anders is versierd.
Soms zijn kapellen uit de Middeleeuwen weer vervangen door nieuwe.
Een van de blikvangers is de gouden trap, die gemaakt is om het niveauverschil tussen de straten aan de ene en andere kant van de kerk te overbruggen.
De centrale koepel met sterpatroon mag er ook zijn. Onder deze koepel ligt het graf van El Cid en zijn vrouw. El Cid heette Rodrigo Diaz de Vivar en hij werd in 1043 geboren. De bijnaam El Cid, heeft hij verdient door zijn heldenmoed.
De kloostergang en aansluitend het museum zijn de laatste onderdelen die we bekijken.
Na zo’n 2,5 uur cultuur gingen we vervolgens maar ergens een hapje eten. Wim waagde zich daarbij aan een typische worst uit Burgos (een soort bloedworst), die ondanks de donkere aanblik best lekker smaakte.
We hebben vervolgens nog wat door de stad gefietst. Er zijn nog veel meer kerken in Burgos, maar zin om die ook nog te bekijken hadden we niet meer.  We hadden genoeg gezien.