Vandaag rusten we uit op de camping. Er is hier een prima
internet verbinding dus we kunnen aan de blog werken en onze spelletjes spelen.
Het is vanmorgen een beetje winderig maar het weer is prima. Morgen gaan we
verder naar het noorden.
vrijdag 3 oktober 2014
De streek Alentejo is een echte landbouw streek. In het
zuiden zagen we veel velden waar tarwe heeft gestaan. Eindeloze boomgaarden met
kurkeiken, olijfbomen ,sinaasappelbomen en citroenstruiken maar ook
druiventeelt. Tussen de bomen zien we schapen en koeien lopen. Het is
onbegrijpelijk dat die beesten kunnen leven van dat beetje gras. Het landschap
is glooiend maar richting de Spaanse grens zien we bergen. Dit deel van
Portugal is prachtig. Vandaag rijden we van Evoramonte naar het noorden. Zowel
bij Estremoz als bij Portalegre zie je ommuurde kastelen op de toppen van de
bergen. Wij rijden via een bochtige weg naar Marvao. Het is een Middeleeuws plaatsje op 862 meter
hoogte. Alleen de eigen bewoners (een paar honderd) kunnen er met een kleine
auto rijden maar bezoekers moeten parkeren buiten de muren.
Op de parkeerplaats
hebben we al een prachtig uitzicht maar al lopend naar boven wordt het uitzicht
steeds indrukwekkender. Via smalle straatjes met natuurlijk witte huizen komen
we op de plaats voor het kasteel. Er wordt een markt opgebouwd voor een feest
die avond en het geheel ademt een
Afrikaanse sfeer uit. We kopen een toegangskaartje voor het kasteel en gaan het
kasteel van binnen bekijken.
Er is een waterput waar vroeger voor 6 maanden watervoorraad
in kon. In de ruimte van de waterput klinkt alles met veel galm. In onze gids
wordt je aangespoord om een lied te zingen. Dat doen we ook. We lopen verder en bekijken
de verschillende torens en komen bij de tweede ingang van de waterput. Wij
horen er mensen praten en Wim probeert ze schrik aan te jagen door vervaarlijke
kreten in het Engels te roepen. Even later komen we die andere bezoekers tegen
en ze moeten hartelijk lachen om het gebeuren.
Wij lopen verder rond via de kasteelmuur. Het kasteel ziet er enorm massief en groots uit. Er zijn wel 4 niveaus van buiten naar binnen, iedere keer afgescheiden door een enorme muur. En als je de rotspartijen om je heen ziet kun je niet anders concluderen dan dat dit een onneembare vesting was. Het uitzicht naar de omgeving is prachtig en je kunt rondom tot heel ver kijken. Geen vijand die ongezien dit kasteel kon naderen.
Na een simpele maar lekkere maaltijd zakken we weer af naar
de camper. We zoeken onze volgende camping net buiten Castelo de Vide. Het is
een camping van 25 hectare gerund door Nederlanders. Er zijn hier veel campings
met Nederlandse eigenaren. Er zijn hier enkele passanten zoals wij maar ook
vooral overwinteraars.
donderdag 2 oktober 2014
Evora is een stad die op de lijst van Unesco prijkt. Die moeten we dus zien.
Bij de stad aangekomen kunnen we de camper vlakbij het centrum parkeren. Het oude centrum is volledig ommuurd. Via smalle straatjes lopen we de stad in, we moeten steeds klimmen. Ook hier zien we winkels met handnijverheid uit de streek. Zelfs tassen gemaakt van een dunne laag kurk. In het centrum staat de grote kathedraal met zijn twee verschillende torens. Het is moeilijk om een mooie foto te maken vanwege de bomen en ook omdat je niet voldoende afstand kunt nemen, ze hebben het plein aardig volgebouwd.
Voor de kerk staan koetsjes te wachten op passagiers. We nemen een kijkje in de kathedraal maar blijkbaar komen we niet op het goede tijdstip. Het is middagpauze. Verder op het plein staat een Romeinse tempel. Uit de Romeinse tijd is ook een deel van een aquaduct overgebleven. We genieten van een kopje koffie met daarbij een lokale lekkernij, een soort kaascakejes (queijra). Op de terugweg zien we op een kerk beelden van mannen die een globe torsen. Grappig genoeg hebben deze beelden hier de bijnaam Os Meninos wat "de kinderen" betekent.
's Middags maken we een deel van de Megalietentocht. Het is een tocht die langs pedras talbas (gehouwen stenen) voert. Op weg naar Evora hebben we in het land al veel stenen gezien, vaak in groepjes bij elkaar. Onze tocht gaat naar de dolmen van Zambujeiro. Het is de grootste dolmen in Portugal. Wij zouden het een hunebed noemen. Het laatste stuk van de route leggen we te voet af, het loopt tussen de weilanden door. We zien inderdaad de dolmen maar je mag er niet meer in. Er zou een gang van 14 meter zijn die leidt naar een grafkamer. Jammer dat er een afdak boven deze dolmen is gebouwd.
We vervolgen onze tocht naar een dolmen kapel. Helaas gesloten. Er is nog veel meer te zien maar dat komt een volgende keer wel. We zoeken een camping bij Evoramonte. Er is zelfs een klein zwembad om even op te frissen.
Bij de stad aangekomen kunnen we de camper vlakbij het centrum parkeren. Het oude centrum is volledig ommuurd. Via smalle straatjes lopen we de stad in, we moeten steeds klimmen. Ook hier zien we winkels met handnijverheid uit de streek. Zelfs tassen gemaakt van een dunne laag kurk. In het centrum staat de grote kathedraal met zijn twee verschillende torens. Het is moeilijk om een mooie foto te maken vanwege de bomen en ook omdat je niet voldoende afstand kunt nemen, ze hebben het plein aardig volgebouwd.
Voor de kerk staan koetsjes te wachten op passagiers. We nemen een kijkje in de kathedraal maar blijkbaar komen we niet op het goede tijdstip. Het is middagpauze. Verder op het plein staat een Romeinse tempel. Uit de Romeinse tijd is ook een deel van een aquaduct overgebleven. We genieten van een kopje koffie met daarbij een lokale lekkernij, een soort kaascakejes (queijra). Op de terugweg zien we op een kerk beelden van mannen die een globe torsen. Grappig genoeg hebben deze beelden hier de bijnaam Os Meninos wat "de kinderen" betekent.
's Middags maken we een deel van de Megalietentocht. Het is een tocht die langs pedras talbas (gehouwen stenen) voert. Op weg naar Evora hebben we in het land al veel stenen gezien, vaak in groepjes bij elkaar. Onze tocht gaat naar de dolmen van Zambujeiro. Het is de grootste dolmen in Portugal. Wij zouden het een hunebed noemen. Het laatste stuk van de route leggen we te voet af, het loopt tussen de weilanden door. We zien inderdaad de dolmen maar je mag er niet meer in. Er zou een gang van 14 meter zijn die leidt naar een grafkamer. Jammer dat er een afdak boven deze dolmen is gebouwd.
We vervolgen onze tocht naar een dolmen kapel. Helaas gesloten. Er is nog veel meer te zien maar dat komt een volgende keer wel. We zoeken een camping bij Evoramonte. Er is zelfs een klein zwembad om even op te frissen.
woensdag 1 oktober 2014
De route van vandaag is richting Monsaraz. Een dorpje vlak bij de Spaanse grens gelegen boven op een berg, dat diende als verdediging tegen de Spanjaarden en de Moren. Langs de Spaanse grens zijn veel van dit soort dorpen. Maar eerst doen we Serpa aan. Een stad met alle kenmerken van Portugese steden in dit gebied. Een (markt)plein met daaraan gelegen het stadhuis en natuurlijk de kerk. Ruim van opzet en natuurlijk betegeld met de kleine witte steentjes. De stad was ook voor de Romeinen erg belangrijk. Herkenbaar aan diverse gebouwen en een enorm aquaduct dat de watervoorziening
regelde. In de stad staan een aantal zeer oude olijfbomen van meer dan duizend(!) jaar oud. Ze dragen nog steeds vruchten. Een grappig detail is een huis met dakterras waarvan de bewoner een uitstalling van allerhande beesten en figuren heeft gemaakt in fel blauw, een kleur die je hier veel ziet.
We gaan verder naar Monsaraz. Daar is onze volgende camperplaats en volgens informatie moet je daar een mooi uitzicht over de omgeving hebben. Bij aankomst wordt onze verwachting meer dan overtroffen. De rivier Guiadiana, die we al eerder zijn tegengekomen, is daar voorzien van een stuwdam die een stuwmeer heeft veroorzaakt dat breed uitwaaiert tussen de lage bergtoppen en een enorm aantal meertjes en meren heeft veroorzaakt. Zoals gezegd ligt Monsaraz boven op een bergtop, zo'n 100 m boven het stuwmeer. Welnu, de camperplaats bevindt zich pal onder de stadsmuren en kijkt recht uit op het schouwspel van laag vlak land met al die meren. Een fantastisch schouwspel. Minpuntje, het weer is heiig en dus kunnen we de verte slechts door een waas zien. Maar dat nemen we voor lief.
Monsaraz zelf is afgesloten voor verkeer en ziet er uit alsof je je nog in de middeleeuwen waant. Smalle straatjes, kleine woningen, alles op elkaar gepropt. Er wonen momenteel nog zo'n 119 mensen. Een enorme verdedigingsmuur omringt de stad. Vanaf het stadje is het zicht op de omgeving haast nog fraaier dan vanaf de camperplaats. Ook aan de andere zijden, waar allee land is, is het uitzicht overweldigend.
regelde. In de stad staan een aantal zeer oude olijfbomen van meer dan duizend(!) jaar oud. Ze dragen nog steeds vruchten. Een grappig detail is een huis met dakterras waarvan de bewoner een uitstalling van allerhande beesten en figuren heeft gemaakt in fel blauw, een kleur die je hier veel ziet.
We gaan verder naar Monsaraz. Daar is onze volgende camperplaats en volgens informatie moet je daar een mooi uitzicht over de omgeving hebben. Bij aankomst wordt onze verwachting meer dan overtroffen. De rivier Guiadiana, die we al eerder zijn tegengekomen, is daar voorzien van een stuwdam die een stuwmeer heeft veroorzaakt dat breed uitwaaiert tussen de lage bergtoppen en een enorm aantal meertjes en meren heeft veroorzaakt. Zoals gezegd ligt Monsaraz boven op een bergtop, zo'n 100 m boven het stuwmeer. Welnu, de camperplaats bevindt zich pal onder de stadsmuren en kijkt recht uit op het schouwspel van laag vlak land met al die meren. Een fantastisch schouwspel. Minpuntje, het weer is heiig en dus kunnen we de verte slechts door een waas zien. Maar dat nemen we voor lief.
Monsaraz zelf is afgesloten voor verkeer en ziet er uit alsof je je nog in de middeleeuwen waant. Smalle straatjes, kleine woningen, alles op elkaar gepropt. Er wonen momenteel nog zo'n 119 mensen. Een enorme verdedigingsmuur omringt de stad. Vanaf het stadje is het zicht op de omgeving haast nog fraaier dan vanaf de camperplaats. Ook aan de andere zijden, waar allee land is, is het uitzicht overweldigend.
dinsdag 30 september 2014
Vanmorgen gaan we op de fiets het dorp verkennen. Er is hier
vroeger een kopermijn geweest. De fabrieksgebouwen rondom de mijn zijn
vervallen maar we hebben wel een idee van de grootte van het complex. Op een
ander deel zien we de verschillende lagen die afgegraven zijn. Het water tussen
de bergen steen ziet er angstaanjagend donker uit.
De oude mijngangen zijn dichtgemetseld. De mijnschacht staat
er nog.
In de buurt zien we de oude huizen van de mijnwerkers. Als
we de inlichtingen mogen geloven dan hadden de mijnwerkers met hun gezin een eenkamer
woning zonder ramen. Als we langs de woningen fietsen lijkt het alsof er van
twee woningen een nieuwe is gemaakt.
![]() |
| badhuis |
In het dorpje is ook een openbaar badhuis, vlakbij de
mijnwerkerswoningen. Kennelijk beschikken die niet over een douche. Alles ziet er keurig schoon uit.
Het kerkje laat aan de buitenkant duidelijk Moorse invloeden
zien. Alle woningen en ook het kerkje zijn, net als in al de andere plaatsen
hier, verblindend wit.
’s Middags gaan we weer lekker opfrissen in het water en
luieren we wat.
maandag 29 september 2014
Vandaag rijden we van Mertola naar het plaatsje Mina de Sao
Domingos dat vlak bij de Spaanse grens ligt. De afstand naar dit dorpje
bedraagt maar 18 km.
In het dorpje moet een mooie camperplaats zijn gelegen aan
een stuwmeer. Bij aankomst zien we dat het er prachtig uitziet. Er staan al
enkele campers en wij kiezen een mooie plaats waarbij we op het stuwmeer kunnen
kijken. Ze hebben hier een prachtige recreatie plaats gemaakt. Er is een
cafe/snackbar met gezellige zitjes. Op een deel van de waterkant is zand
aangebracht zodat je het idee hebt aan een mini strand te zitten. Rieten
parasols geven het zelfs een tropische uitstraling.
De camperplaatsen zijn keurig verhard, wat een luxe in zo’n
klein dorp. Het recreatie park wordt ook goed bezocht door de plaatselijke
bevolking. ’s Middags nemen we een duik in het stuwmeer. Het water is heerlijk
verfrissend. ’s Avonds gaan we buurten bij een Nederlands stel.zondag 28 september 2014
We laten het strand van Manta Rota achter ons en we rijden
richting Vila Real. We bekijken de camperplaats. Het ziet er prima uit maar ik
ben blij dat we toch in Manta Rota hebben gestaan.
![]() |
| Zicht op Ayamonte |
We rijden verder naar Castro
Marim. We parkeren de camper op een grote parkeerplaats en gaan het kasteel
bekijken. Het is een flinke klim naar boven maar dan heb je een prachtig
uitzicht. Je kunt zo naar de Spaanse stad Ayamonte kijken maar ook de rivier de
Guadiana is bijna tot aan de monding te zien. Geen wonder dat dit vroeger een
prachtige verdedigingsplaats was. Aan de andere kant van het dorp zien we nog
een kasteel. Vroeger waren die met de stadmuren verbonden zodat soldaten van
het ene naar het andere kasteel konden komen.
Vanaf de muren hebben we ook een mooi zicht op de
zoutpannen.
Het kasteel waar we nu staan wordt nog regelmatig gebruikt
als decor voor spelen. Op het plein staat zelfs een heuse schandpaal. Het
kasteel is ingericht als museum voor schalen en kruiken die in de loop van de
tijd zijn opgegraven. Het plaatselijke voetbalveld is niet meer dan een zandbak.
We zakken weer af naar de camper en we gaan richting Mertola. Via een nieuw aangelegde weg rijden
we van de Algarve naar de streek Alentejo. We blijven steeds in de buurt van de
Rio Guadiana. Onderweg zien we boomgaarden maar we weten nu nog steeds niet
welke bomen het zijn.
Bij Mertola gaan we op de camperplaats naast de rivier
staan. We hebben hier vandaan zicht op het plaatsje dat tegen de helling
aangebouwd is.
![]() |
| zicht vanaf camperplaats op Mertola en de rivier Rio Guadiana |
We lopen door de smalle straatjes en stappen bij de tourist informatie binnen. Er is daar een kamer ingericht
zoals dat hier vroeger ook was.
Als we verder willen blijkt het te
regenen. De regen gaat over in een heuse stortbui. Deze bui houdt lang aan. We
proberen te vluchten naar een café met mooi uitzicht maar als we daar aankomen
blijkt het café gesloten. We zoeken een ander café en die vinden we. Het is er
gezellig druk want iedereen schuilt voor de regen. We drinken er wat en we
bestellen iets wat lijkt op nootjes of bonen of misschien wel amandelen die
niet geroosterd zijn. Wat het is weten
we niet maar het smaakt goed als je het velletje niet mee eet. Een vrouw
tegenover ons maakte ons er op attent dat je de velletjes niet moet mee-eten.
Als het droog is keren we terug naar de camper. ’s Avonds gaan we nogmaals op
pad om een restaurant te zoeken maar dat is nog niet zo simpel want de meeste
zijn dicht. Uiteindelijk is er wel een restaurant maar de maaltijd houdt niet
over.
Abonneren op:
Posts (Atom)






































